Bevallen met een keizersnede
26 augustus 2009
Sinds de jaren 80 is het aantal bevallingen door middel van een keizersnede verdrievoudigd, van 4,5% naar bijna 15 procent in 2008. Toch zijn deze percentages nog laag als je ze vergelijkt met het buitenland. In de VS bevalt ongeveer 30% met een keizersnede en in Brazilië komt aan bijna de helft van de bevallingen een keizersnee te pas.
Ondanks deze hoge percentages is een keizersnee niet geheel zonder risico’s. Het is een relatief zware buikoperatie met een hogere kans op complicaties dan bij een natuurlijke bevalling. Ook zul je na een keizersnede een aantal dagen voor herstel en controle in het ziekenhuis moeten blijven.
Redenen voor een keizersnede
Soms is het al voor de daadwerkelijke bevalling duidelijk dat een keizersnede noodzakelijk is, redenen hiervoor kunnen zijn:
- Het kind is te groot voor een normale bevalling (macrosomie, macrosoom kindje). Dit komt voornamelijk voor bij moeders die een vorm van diabetes hebben
- De baby ligt verkeerd (dwars- of stuitligging) in de baarmoeder
- De placenta ligt voor de baarmoedermond
- Bij meerlingen, een tweeling kan veelal nog wel op natuurlijke wijze ter wereld gebracht worden maar bij 3 of meer baby’s wordt vrijwel altijd voor een keizersnede gekozen
Meestal wordt echter pas tijdens de bevalling besloten om over te gaan op een keizersnede. Doordat de bevalling erg lang duurt en/of dreigend zuurstofgebrek van het kind. Bijvoorbeeld doordat de placenta al tijdens de bevalling los komt of de navelstreng afgeklemd wordt.
Voorbereiding
Bij een geplande keizersnee zal er vooraf een “intake” plaats vinden bestaande uit een aantal vragen, een bloedonderzoek en vaak een klein lichamelijk onderzoek. Verder wordt samen met de gynaecoloog of anesthesist een keuze gemaakt voor de verdoving. Of er wordt gekozen voor volledige verdoving (narcose) of plaatselijk door middel van een ruggeprik. De laatste optie heeft als voordeel dat je toch bewust bij de bevalling aanwezig kunt zijn en al tijdens de operatie kun je het kindje zien, horen en aanraken. Volledige narcose komt niet veel meer voor maar kan in sommige gevallen toch nog wenselijk zijn.
De uiteindelijke operatie
Vroeger was een verticale incisie (vanaf de navel naar beneden) normaal maar tegenwoordig wordt bijna altijd een “bikinisnede” gebruikt. Een horizontale snede van 10- tot 15 centimeter net onder de haargrens die door de buikwand en de diverse buiklagen gaat. De baby wordt uit de baarmoeder gehaald waarna de moeder vaak een antibioticum via het infuus toegediend krijgt. Terwijl een arts het kind onderzoekt wordt de incisie weer dicht gehecht. Dit duurt ongeveer een half uur, de gehele ingreep duurt gemiddeld ongeveer 45 minuten.
Tijdens de operatie mag de partner in de meeste gevallen gewoon aanwezig zijn. Na controle van het kindje door de arts krijgt de vader vaak het kindje om het aan de moeder te tonen. Samen gaan jullie dan uiteindelijk naar een afdeling om uit te rusten. Tenzij het kindje te vroeg is geboren en nog enige tijd op de couveuse-afdeling moet doorbrengen.
Naar huis na een keizersnede
Afhankelijk van de toestand volgt “ontslag” uit het ziekenhuis tussen de tweede en de zevende dag na de bevalling. Dan is het voornamelijk een kwestie van heel veel uitrusten, behalve een vermoeiende bevalling heb je tenslotte ook nog eens een ingrijpende operatie achter de rug. Rust nemen is dan het devies al zal dat niet altijd makkelijk zijn met een net nieuw leven in de buurt. Na een paar weken merk je vanzelf dat steeds meer dingen weer mogelijk zijn om te doen.
Een volgende bevalling
Een keizersnede bij een eerdere bevalling hoeft niet automatisch te betekenen dat een volgende bevalling ook zo moet. Vaak is het prima mogelijk om een tweede keer op natuurlijke wijze te bevallen als de eerste vanwege complicaties via een keizersnede moest verlopen. Er is een klein risico dat het litteken in de baarmoeder tijdens een volgende bevalling scheurt of de moederkoek zich in het littekenweefsel nestelt maar dit kan vrijwel altijd al voor de nieuwe bevalling geconstateerd worden.
Wel is het zo dat de volgende bevalling na een keizersnede altijd in het ziekenhuis plaats zal vinden omdat de kans op complicaties net iets groter is dan wanneer je al eerder op natuurlijke wijze bent bevallen.
Praat met je gynaecoloog of huisarts
Via een website is het moeilijk om 100% volledige informatie te geven die voor iedereen bruikbaar is, elke situatie is nu eenmaal anders. In zo’n geval weet je huisarts of gynaecoloog ongetwijfeld raad, die hebben waarschijnlijk al tientallen (zo niet honderden) keizersnede bevallingen begeleidt en weten er dus alles vanaf!

