Zakgeld, voor kinderen niet alleen leuk om te krijgen maar ook nog eens een nuttig leermiddel. Diverse studies tonen aan dat krijgen van zakgeld het financieel besef van kinderen bevordert. Op jonge leeftijd leren omgaan met geld, de waarde ervan kunnen inschatten, sparen ontdekken en de verleiding van reclame weerstaan zijn voordelen waar ze later profijt van hebben.
Kinderen die op jonge leeftijd zakgeld krijgen komen op latere leeftijd minder snel in de financiële problemen. Het is dus meer dan een extraatje en om het direct goed aan te kunnen pakken zetten we graag de richtlijnen voor u op een rijtje:
Vanaf wanneer zakgeld geven
Er wordt geadviseerd vanaf 6 jaar te starten met het geven van zakgeld, vanaf dat moment kunnen de meeste kinderen de verschillende munten enigszins herkennen. Bij dat proces kan het geen kwaad om voor die tijd al eens een muntje te laten slingeren. Nieuwsgierigheid is de perfecte motivatie om de munt – en haar waarde – uit te leggen.
In eerste instantie is zakgeld voornamelijk om op te maken en is sparen er waarschijnlijk nog niet bij. Geen enkel probleem, zo leert je kind dat geld ook op kan raken. Let er hierbij wel op dat je niet tussendoor extraatjes blijft geven.
Hoe omgaan met zakgeld
Begin met zakgeld wekelijks op een vaste dag. De zondag is ideaal omdat de verleiding voor kinderen om te kopen in het weekend het grootst is. Doordat winkels op zondag (meestal) niet open zijn verplicht je het kind tenminste één dag over de uitgaven na te denken. Zorg ervoor dat je niet te laat bent met het geven van zakgeld en stel er geen voorwaarden aan (klusjes of kamer opruimen).
Geef je kind om te sparen een doorzichtige spaarpot die ze zelf kunnen openen. Het ‘zien’ en kunnen tellen van de vorderingen stimuleert sparen. In eerste instantie is het niet verstandig te lang te laten sparen, liever maximaal een paar weken dan maanden. Een kind moet leren dat door sparen grote aankopen haalbaar zijn. Een te lange termijn kan hierop een negatief effect hebben.
Op latere leeftijd
Vanaf een jaar of 11 (groep 8) kan gekozen worden voor een betaalrekening waarvan uw zoon of dochter zelf de bankpas beheert. U kunt dan bijvoorbeeld maandelijks het zakgeld automatisch overmaken. Het grote voordeel hiervan voor u als ouder is dat u altijd een excuus hebt als uw kind te vroeg om zakgeld vraagt.
Tegelijkertijd is dit ook de leeftijd om de regels vast te stellen. Maak bij het afgeven van de bankpas bijvoorbeeld een contract wat u beide ondertekent, vergeet hierbij ook de looptijd niet. Spreek af dat u na een bepaalde periode opnieuw kijkt naar zaken als de hoogte en de dingen die uw kind van het zakgeld moet betalen.
Heeft uw kind een eigen rekening kijk dan regelmatig samen naar het saldo en de uitgaven. Doe dit bij voorkeur in het referentiekader van uw kind, dus niet stoeien met bankboekjes of afschriften, maar gebruik bijvoorbeeld Whatsapp en internetbankieren. Dit kan een kind enorm stimuleren meer bezig te zijn met geld en dus ook een beter inzicht te krijgen in uitgaven en inkomsten.
Hoeveel zakgeld
Als laatste rest natuurlijk nog de vraag hoeveel zakgeld je dan moet geven. In 2008 heeft het Nibud een onderzoek gedaan naar hoeveel zakgeld kinderen op welke leeftijd krijgen, de resultaten vind je hieronder:
| Leeftijd | Bedrag per week in € |
|---|---|
| 6* | ± 1,00 |
| 7* | ± 1,40 |
| 8-9° | ± 1,50 |
| 10-11° | ± 2,35 |
| 12x | tussen 2,30 en 5,00 |
| 13x | tussen 2,50 en 5,00 |
| 14x | tussen 3,50 en 6,00 |
| 15x | tussen 3,80 en 7,50 |
| 16x | tussen 4,70 en 9,00 |
| 17x | tussen 4,70 en 10,00 |
| 18x | tussen 5,00 en 12,20 |
| bron: *Zakgeld=leergeld; Financieel gedrag van 6- en 7-jarigen (2009) °ITS/Centiq (2008); Financieel inzicht van 8- tot 18-jarigen in Nederland xNibud 2009 |
|
Bovenstaande tabel is een goede leidraad maar natuurlijk niet zaligmakend. Factoren die van invloed kunnen zijn op de hoogte van het zakgeld zijn onder meer uw eigen inkomen en het zakgeld van vriendjes en vriendinnetjes. Vooral in de laatste klassen van de basisschool en tijdens de middelbare school zult u veelvuldig horen dat ‘anderen’ meer krijgen. Controleer dit voor de zekerheid wel even bij ouders uit de buurt, want kinderen kunnen soms goed overdrijven.